7 februari 2024 vond de eerste Nacht van Biobased Bouwen plaats. Naast zijn werkzaamheden voor 20302050 is Guido de Vries werkzaam bij de gemeente Deventer als adviseur Circulaire Economie. En vanuit die rol vond hij de samenwerking met architectuur centrum Rondeel Deventer. Een mooie match waaruit deze eerste editie ontstaan is. Een avond om te vieren wat er allemaal al kan. Een nacht met inhoud, humor en spannende muziek. Een expo van materialen en oesterzwambitterballen, Mooier wordt het niet!

Heb je de Nacht gemist? Architectuurcentrum het Rondeel heeft Biobased Bouwen omwille van de actualiteit tot 2024 jaarthema uitgeroepen. De komende tijd volgen nog diverse lezingen over de betrekkelijk nieuwe richting in de bouw.

De Nacht van Biobased bouwen: Nieuwe mogelijke landschappen, waar gewassen groeien voor bouwmateriaal, waar gebouwen zich voegen naar de natuur en levende bomen bruggen kunnen zijn: Het lijkt toekomstmuziek, maar we kunnen en moeten er nu mee aan de slag als we in de schoenen van de volgende generatie gaan staan. Dat was de boodschap op de Nacht van Biobased Bouwen op 7 februari in Mimik in Deventer.

Henning Larsen

Met ruim 750 medewerkers, duurzaam ontwerpen, ontwikkelen en bouwen als uitgangspunt van het bedrijf en projecten wereldwijd is het Deense architectenbureau Henning Larsen een zwaargewicht in de overstap naar het gebruik van natuurlijke materialen in de bouw. Noodzakelijk ook, nu de klimaatverandering al over de drempel stroomt. ,,Biobased bouwmateriaal is de sleutel om de uitstoot van CO2 te verminderen. We moeten nu in actie komen’’.

Die oproep deed Jakob Strømann-Andersen, partner en hoofd afdeling Duurzame Bouwtechniek van Henning Larsen, aan het eind van de Nacht van Biobased Bouwen, woensdag 7 februari 2024 in een uitverkochte theaterzaal van Mimik. Eerder op de avond onderstreepten ook Hanna Lára Pálsdottir van het ministerie van Binnenlandse Zaken, Jan Willem van de Groep van de Nationale Aanpak Biobased Bouwen en Pascal Leboucq van Company New Heroes het belang van bouwen op basis van de natuur.

Strømann-Andersen zei met zijn bureau biobased bouwen over de hele wereld onder de aandacht te willen brengen. ,,We hebben een jonge generatie medewerkers die gelooft in duurzaamheid. Tachtig procent van wat we doen, is in hout. Biobased bouwmateriaal is de sleutel om de uitstoot van CO2 te verminderen. We moeten nu in actie komen. Van grote invloed is daarom een belasting op CO2-uitstoot. Dan wordt het noodzakelijk om duurzaam te bouwen.’’

Deventer zelf maakt een stap door in de aanbesteding van De Havendame in het Havenkwartier als voorwaarde op te nemen dat 50 procent van de bouwmaterialen een natuurlijke oorsprong moet hebben. Wethouder Jaimi van Essen riep projectontwikkelaars op zich te melden voor het gebouw van maximaal zeven bouwlagen, waarin 25 koopappartementen komen. De gemeente wil een gebouw dat van veraf opvalt, experimenteel en innovatief mag zijn, met zoveel mogelijk lokale bouwmaterialen.

Urgentie

Ook volgens Hanna Lára Pálsdottir, programmaleider Biobased Bouwen en MooiNL Bouwen met de Boer bij het ministerie van Binnenlandse Zaken, groeit de urgentie voor het bouwen met natuurlijke materialen ook uit oogpunt van de gezondheid van inwoners van het land. Samen met onder anderen Jan Willem van de Groep van Building Balance, een van de andere sprekers in Mimik, werkt Pálsdottir aan een serie handreikingen als leidraad bij het bouwen met de natuur, waarbij ook een rol is weggelegd voor de boeren in het land.

Centrale vraag volgens haar: hoe komen we van een eindig productiesysteem naar een kleurrijk mozaïek. Daarnaast zei ze kunstenaars nodig te hebben om te komen tot nieuwe, duurzame landschappen. Zo ontwierp Biobased Creations (Lucas de Man en Pascal Leboucq) een alternatieve inrichting voor de Brabantse Peel, nu nog een gebied van intensieve landbouw en weinig biodiversiteit. Pálsdottir: ,,We zijn hier vanavond aan het denken, ik hoop dat we onze groep groter kunnen maken en een kwaliteitskader kunnen maken dat een verandering van het landschap oplevert. Laten we samenwerken aan een nieuwe bouwcultuur en landbouwcultuur.’’

Toekomst

Voor Van de Groep is biobased bouwen een belangrijke stap naar de toekomst. Hij is nauw betrokken bij de Nationale Aanpak Biobased Bouwen, opgesteld door vier ministeries en tientallen partijen uit het land, waarvoor 200 miljoen aan aanjaaggeld is uitgetrokken. Een aanpak die ook over landbouw gaat en bijvoorbeeld de bodem van Nederland. ,,We willen een transitie van grote fabrieken van bouwmaterialen naar het boerenland als leverancier. Biobased bouwen kan bijdragen aan de grote opgaven in de landbouw. Zo kan vezelteelt het inkomen van boeren aanvullen en zelfs bodems schoonmaken.’’

Volgens Van de Groep moet de aanpak in 2030 50.000 hectare aan vezelgewassen opleveren zoals vlas en miscanthus, goed voor een reductie van 1,6 megaton aan CO2. In datzelfde jaar zou 30 procent van de nieuwe woningen voor 30 procent uit natuurlijke bouwmaterialen moeten bestaan.  ,,Daarvoor moeten alle ministeries aan de bak. De koplopers worden nu tegengewerkt door leveranciers van bouwmaterialen, de wetgeving moet veranderen, maar met vezelteelt kun je zelfs 30 procent van de stikstofemissie weghalen.’’

Verdienen

Boeren zouden volgens hem kunnen verdienen aan hun rol in de CO2-reductie. Hij wijst daarbij op oliemaatschappijen die geld uittrekken voor de opslag van CO2 onder de zeebodem. ,,Die CO2 moet je niet opslaan onder de Noordzee, maar in gebouwen door het gebruik van gewassen als bouwmateriaal. Dan zou je ook voor boeren CO2-certificaten kunnen invoeren waar ze aan kunnen verdienen’’.

Niet duurder

Een mooi voorbeeld noemt hij de bouw van 72 woningen in Doetinchem waar meer dan 70 procent van het bouwmateriaal biobased zal zijn. ,,Voor de aanbesteding zijn selectiecriteria opgesteld en is het bedrag uitgerekend dat de huizen op de markt opbrengen. Daardoor wordt de bouw niet duurder, zoals iedereen vaak zegt’’, zegt Van de Groep over de natuurinclusieve wijk van aanbestedingswinnaar BAM Wonen, Mix Architectuur en LAP Landscape & Urban Design.

Toekomstgericht was ook de oproep die Theo Voogd op de zeepkist deed. Hij wees op De drijvende kracht, een nieuwe afdeling van installatiebedrijf Breman, die zich toelegt op duurzame oplossingen en de gelijknamige Drijvende Kracht heeft gelanceerd, een drijvend woongebouw voor starters en senioren, dat Voogd momenteel met Breman uitwerkt. Samen zijn ze langs de IJssel op zoek naar een locatie om het project binnen twee jaar te realiseren. ,,De kans is groot dat onze kinderen met flinke problemen te maken krijgen in de flessenhals tussen Deventer, Zwolle en Kampen.’’

Vogelhut

Ook andere duurzame voorbeelden spraken tot de verbeelding, zoals een vogelhut aan het Haringvliet in de vorm van een ei van de Grote Stern, die van de Zuidpool overkomt naar het door dammen grotendeels afgesloten deltawater, waar de natuur langzamerhand weer een grotere plek moet krijgen. De ingenieuze houten rietbedekte constructie met een voor vogels onzichtbare wandelroute naar de entree maakte indruk op het publiek.

In het groot

Dat biobased bouwen ook in het groot kan, bewees het Deense Henning Larsen onder meer met World of Volvo in het Zweedse Gotenburg en de wijk Faelledby in Kopenhagen. Het toonaangevende bureau wil dat opnieuw doen met een distributiecentrum in Lelystad. In het immense gebouw van 160.000 vierkante meter, voornamelijk gemaakt van hout, komt mogelijk isolatie van Strobox uit Deventer, die houten panelen levert, gevuld met lokaal geoogst stro, zoals voor gebouw X dat op het terrein van de Gasfabriek in aanbouw is. Ter plekke vroeg Jakob Strømann-Andersen van Henning Larsen of Strobox de isolerende bouwdelen kon leveren. Dat kan, klonk het antwoord in de zaal van Roelof Vossebeld van Strobox.

Biobased was ook de muziek van slagwerkgroep HIIIT uit Den Haag ten gehore bracht. Eerder al actief op afgedankte materialen klonk er nu ook muziek uit biobased materialen. Zelfs de outfit van presentator van de avond, acteur Paul R. Kooij was biobased, van lokaal geteeld linnen. Kooij, bekend als boze buurman in de film Ja Zuster, Nee Zuster, had vergeefs voor zijn kledingkast gestaan op zoek naar een biobased kledingstuk.